Vervuiling

Er zijn verschillende soorten vervuiling van ons milieu en van de zeeën. Er is vervuiling door chemicaliën, door olie, door niet- of nauwelijks afbreekbare stoffen zoals plastic, door radioactiviteit, door viskweek, door lawaai, en door radioactief afval.

Gifstoffen

De meest voorkomende chemicaliën zijn dioxines, dioxineachtige pcb’s, zware metalen zoals kwik en cadmium en brandvertragers. De meeste van deze stoffen produceert de mens zelf en sommige komen in mindere mate ook in de natuur voor. Er zijn inmiddels heel wat studies gedaan naar de gevolgen van deze gifstoffen op de menselijke gezondheid. De hoeveelheid dioxines in de Noordzee is in de afgelopen decennia aanzienlijk gedaald, maar vis uit de Noordzee bevat nog altijd veel meer dioxines dan vis uit het zuiden van de Indische en de Atlantische Oceaan. Ondertussen zijn er weer andere stoffen die juist in steeds grotere hoeveelheden in het milieu, in zee en dus ook in vis terecht komen. Een voorbeeld hiervan is de groep van de toxische en kankerverwekkende brandvertragers.
De meeste Europese dioxines vinden hun oorsprong in industriële verbrandingsprocessen in een chlooromgeving: metaalgieten, bleken van papierpulp en de vervaardiging van bepaalde pesticiden of herbiciden. Andere grote dioxineveroorzakers zijn bijvoorbeeld vuilverbrandingsinstallaties. Het grootste probleem van dioxines is hun hoge chemische stabiliteit. Wanneer ze zich eenmaal in een levend organisme hebben genesteld, blijven de dioxines er heel lang zitten. Zij stapelen zich op in de voedselketen en hoe verder we ons dus in de voedselketen bevinden, hoe hoger de concentratie dioxines. 

Plastic

Midden op de Stille Oceaan, is een gebied dat minstens zo groot is als West-Europa en dat een enorme hoeveelheid plastic afval bevat: de “plastic soep”. Dit is waarschijnlijk nog conservatief geschat; sommigen schatten de omvang tweemaal zo groot als die van de Verenigde Staten. Het betreft een gigantische hoeveelheid drijvend plastic afval. De plastic massa ontstaat en wordt in stand gehouden door de maalstroom van de Stille Oceaan, die op zijn beurt ontstaat door de passaatwinden. De randen van de maalstroom zijn continu in beweging en hebben een hoger zeeniveau dan verder naar binnen, waardoor de plasticbrij steeds geconcentreerd in het centrum blijft drijven. In alle oceanen zijn inmiddels dit soort gebieden ontdekt. In 2006 bleek uit een studie van de UNEP (de United nations Evironment Programme, het milieuprogramma van de VN), dat op elke anderhalve vierkante kilometer zee 46-duizend plastic deeltjes zwerven, variërend van verloren teenslippers tot minuscule deeltjes. Veel vogels, kreeftachtigen en zeehonden raken verstrikt in de plastic ring van een sixpack, een plastic zak of een nylon koord. Stormvogels zijn net als veel zeeschildpadden echte alleseters. Soms sterven de vogels doordat een groot object als een plastic zak de keel en het maagdarmstelsel afsluit, maar veel dieren verzwakken doordat kleinere stukjes plastic afval in de maag het hongergevoel van de vogel wegnemen. De hersenen krijgen daardoor geen seintje meer van “nu eten!”, waardoor veel vogels verhongeren. Van de onderzochte vogels heeft 98% plastic in de maag; gemiddeld gaat het om dertig stukjes.

Miljoenen vissen en zeezoogdieren zien de drijvende kunststofdeeltjes met de aangehechte chemische verontreiniging als een lekker hapje, omdat zich hierop algen afzetten. In deze gebieden wordt veel vis gevangen en zo belandt uiteindelijk de vis op het bord. Zo vormt ook dit giftige plastic nog eens een extra bedreiging voor de gezondheid van de mens. In de verschillende soorten plastic heeft men inmiddels zo´n tachtigduizend gifstoffen ontdekt.

Lawaai

Bij vervuiling van de oceanen denkt men niet zo snel aan lawaai. Toch is lawaai voor miljoenen dieren per jaar funest: olieboringen, heien in zee voor het plaatsen van windmolens en sonar. Zo zullen naar verwachting in de komende jaren miljoenen walvissen, dolfijnen en ander zeeleven vermoord worden door de Amerikaanse marine. Het gaat hier met name om de Atlantische Oceaan, de Grote Oceaan en de Golf van Mexico. De schepen van de Amerikaanse marine gebruiken o.a. sonar om onderzeeërs op te sporen. Sonar is een groeiende bedreiging sinds president Bush in 2002 de Amerikaanse marine toestemming gaf sonar in 80% van de oceanen te gebruiken.
Actieve sonar bestaat onder andere uit zeer luide geluidspulsen in de oceaan die terugkaatsen via alle grote objecten in het bereik van deze pulsen. Walvissen raken hierdoor hun oriëntatiegevoel kwijt en zo ontstaan de bekende strandingen van dolfijnen en walvissen, maar voor de meeste dieren is het dodelijk omdat hun oren en hersenen worden opgeblazen als zij te dicht bij deze sonarbronnen komen. Deze dieren zakken dan direct naar de zeebodem, waardoor men geen idee heeft hoeveel dieren door deze sonartests het leven laten.
In 2004 heeft de regering Bush een wet ondertekend voor het afzwakken van de Amerikaanse milieuwetten die gelden voor de Amerikaanse marine. Daarna, in 2008, tekende president Bush een ‘Executive Order’, waarin hij toestemde dat de marine zou worden vrijgesteld van de milieuwetten ter bescherming van bedreigde diersoorten.
De marine van de VS zal in de komende vijf jaar (2010-2015), miljoenen zeezoogdieren en ander zeeleven in grote aantallen opofferen voor hun ‘Warfare Testing Range Complex Expansions’. Dat zijn reeds bestaande oorlogsvoering testprogramma’s en deze worden enorm uitgebreid in de wateren van de Atlantische Oceaan, de Grote Oceaan en de Golf van Mexico. De Nationale Marine Visserij Service heeft al toestemming gegeven om zeezoogdieren te doden in meer dan een dozijn Marine Oorlogvoering Test Programma’s en bereidt een nieuwe aanvraag voor waarbij als gevolg van het testen met sonar – zoals zij zelf aangeven – 11,7 miljoen… zeezoogdieren (32 verschillende soorten) het leven zullen laten. Met het groeiend aantal vergunningen dat wordt afgegeven voor sonar-testprogramma’s in meer dan 12 gebieden in de Grote Oceaan, de Golf van Mexico en de Atlantische regio’s van de Verenigde Staten, zijn de zeezoogdieren en veel van het andere zeeleven gedoemd om compleet te worden vernietigd.

Radioactiviteit

Tien jaar geleden waren radioactieve lozingen in zee nog een groot probleem. Deze vorm van vervuiling is in de afgelopen jaren echter sterk verminderd. Lozingen van radioactiviteit door met name Engelse nucleaire bedrijven in Sellafield is met zo’n 75% verminderd.
De huidige Europese lozingen vormen geen bedreiging meer voor zeeflora en fauna en zijn slechts een lichte belasting voor mensen die er van eten. Wat wel schadelijk voor het zeeleven is, is het enorme verbruik van koelwater door kerncentrales aan zee. Al het leven in het koelwater wordt gedood, dus ook de vislarven en -eitjes. Of dat alleen lokaal schadelijke gevolgen heeft voor het zeeleven, of voor de hele Noordzee, Ierse, Baltische en Japanse Zee, is bij gebrek aan onderzoek moeilijk te beoordelen. In landen als Japan, Engeland en Frankrijk staan veel kerncentrales aan zee. Wat daarvan het gevolg kan zijn hebben we recent met de ramp in Fukushima kunnen beleven.

website by Studio Enden